Vanuit Alice Springs rij je in zuidwestelijke richting over de Stuart Highway het ongetemde hart van Australië in, een oeroud verlaten landschap dat zwaar geteisterd is door wind en water. De monotonie van het verlaten scrubland (met struikgewas bedekt gebied) wordt afgewisseld door ruwe en felle kleuren amber, rood en goud van de rotsen, door droge rivierbeddingen met hun grillige loop, als gevolg van zeldzame maar heftige stortbuien, en de flikkerende, uitgestrekte witte zoutpannen op de plek waar ondiepe meren zijn verdampt. Een dissonant in dit landschap is de Out-back Camel Farm in Stuarts Well, ruim 90 km zuidelijker. Australië is het enige land ter wereld waar nog kuddes kamelen in het wild voorkomen — naar schatting zo'n 15.000 in totaal. Het zijn nakomelingen van de kamelen die de eerste kolonisten in de 19de eeuw hebben meegenomen.

 

Rotsen nabij Alice Springs. Een groot deel van deze "woestijn-ijsberg" ligt onder de grond

« Rotsen nabij Alice Springs. Een groot deel van deze "woestijn-ijsberg" ligt onder de grond

 

Verder landinwaarts kun je een omweg maken van de Stuart Highway naar Chambers Pillar, een zandstenen monoliet op een paar uur rijden naar het zuidoosten aan de rand van de Simpson-woestijn, en naar Kings Canyon, ruim 300 km van Alice Springs. Je hebt er adembenemende uitzichten op de 100 m hoge canyonmuren en kunt een bezoek brengen aan de 'verloren stad', een labyrint van verweerde koepels, en de 'Hof van Eden', een verzonken vallei met altijd vochtige waterpoelen en een weelderige vegetatie.

 

Maar in deze doorgaans dorre uitgestrektheid gaat er niets boven de eerste blik op Uluru/Ayers Rock, een bijna 350 m hoge zandstenen monoliet op 460 km van Alice Springs. De eerste Europeaan die de rots te zien kreeg, in 1872, was landmeter Ernest Giles. Een jaar later werd de rots beklommen door William Gosse, die hem omschreef als 'veruit het wonderbaarlijkste natuurverschijnsel dat ik ooit heb aanschouwd'. Hij vernoemde de rots naar Henry Ayers, de toenmalige premier van de kolonie South Australia. Tegenwoordig wordt de rots aangeduid met zijn aboriginal naam, Uluru, een verwijzing naar een rotsgat helemaal boven op de monoliet. Er zijn tal van heilige plekken aan de voet van deze merkwaardige verlaten rots. Meestal zijn deze heiligdommen voor bezoekers gesloten, maar parkwachters kunnen wel uitleg geven over wat ze voor de aboriginals te betekenen hebben.

 

In 1985 werd de eigendom van de rots weer teruggegeven aan de aboriginals. Met tegenzin accepteerden die echter de onvermijdelijkheid van het toerisme, en gaven de rots als 'lease' weer terug aan de federale overheid.

 

De zonsondergangshow

Tot aan het einde van de Tweede Wereldoorlog kwam slechts een handvol reizigers per kameel naar Uluru onder leiding van plaatselijke veeboeren; de geasfalteerde weg dateert van 1948. Het Ayers Rock Resort is 20 km verderop uit de grond gestampt, aan de rand van het Uluru-Kata Tjuta National Park en is per vliegtuig vanuit Alice Springs te bereiken.

 

Aboriginal graveerwerk in rotsen nabij Alice Springs

« Aboriginal graveerwerk in rotsen nabij Alice Springs

 

Foto's noch beschrijvingen kunnen de aantrekkingskracht en bizarre schoonheid van de rots recht laten wedervaren. Hoe dichter je erbij komt, des te mooier, grootser, ronder, steiler, zelfs zachter, als een nog ademend prehistorisch monster hij wordt. De rots heeft een omtrek van 9,6 km. Men gaat ervan uit dat er nog 2500 m rots onder het zand ligt. Technisch gesproken is dit een zogenaamde Inselberg (een vrijstaande berg in een vlakte) die 500 miljoen jaar geleden door bewegingen van en in de aarde omhoog werd geduwd.

 

De klim omhoog (1,5 km) duurt gemiddeld twee uur. Er hangt een ketting langs het steilste gedeelte in het begin maar er is geen hek. 's Zomers mag je na 8 uur 's ochtends de rots niet meer op, want de temperatuur kan er dan oplopen tot bijna 40 graden. Ook als het hard waait of regent, is de rots gesloten, en 's winters kan het er bar koud zijn. Mensen met hartklachten of hoogtevrees kunnen beter beneden blijven.

 

Voor een korte maar sensationele belevenis moet je de auto nemen naar de niet te missen plek in het westen die staat aangeduid als Sunset Viewing Spot. In hoog tempo verandert de kleur van de rots, van geel naar oranje en vervolgens van rood en purper naar scharlaken rood, alsof de warmte van binnenuit naar buiten komt. De kleurenshow duurt maar eventjes, daarna zinkt de rots weg in dof-bruin en lijkt dan op te lossen in de snel vallende duisternis. De zeldzame keren dat het regent, krijgt de rots een onheilspellende zwart-metal-lieke glans.

 

Vele hoofden en winderige valleien

Het Uluru-Kata Tjuta National Park bestrijkt een oppervlakte van 132.560 ha. Doordat er maar 200 mm regen per jaar valt, is de vegetatie er beperkt tot wat struikgewas. Maar als er 's zomers een paar malse buien vallen, vindt er een explosie plaats van wilde bloemen, waaronder Stuart's Desert Rose, die in het wapen van de Northern Territory is verwerkt.

 

Op ongeveer 30 km ten westen van Uluru verrijzen The Olgas, een groep van 36, op eieren lijkende rotskoepels die ooit onder het water van een reeds lang verdwenen zee lagen. Tegenwoordig staan The Olgas vooral bekend onder de aboriginalnaam Anangu. Kata Tjuta betekent 'vele hoofden' .Waar de rotsen die naam aan te danken hebben, is al van verre voor iedereen zichtbaar. Door de eeuwen heen zijn ze uitgeslepen tot reusachtige, zwaar getekende kale koepels van graniet en basalt, die met zand en modder bijeen worden gehouden. De grootste is wel 200 m hoger dan Uluru. Bovendien spelen ze een belangrijke rol in de rechtspraak van de aboriginals.

 

Verscholen achter de monsterachtige kale koepels van Kata Tjuta/The Olgas in het Uluru-Kata Tjuta National Park, ten westen van Uluru, ligt de spookachtige Valley of the Winds

« Verscholen achter de monsterachtige kale koepels van Kata Tjuta/The Olgas in het Uluru-Kata Tjuta National Park, ten westen van Uluru, ligt de spookachtige Valley of the Winds

 

Een wandeling die je nog lang zal heugen, gaat van de noordelijkste parking door de Valley of the Winds. De schaduwen spelen over de rotsen en de wind waait er mysterieus, ook al is het bijna windstil. Maar het is ook een groene oase in deze droge wildernis, waar madeliefjes groeien naast muntstruiken en acacia's. In schaduwrijke rotsspleten, waar het schaarse regenwater lang kan blijven staan, kan een aantal bijzonder exotische planten tot wasdom komen, zoals een op een perzik lijkende quandong, met zijn wasachtige, blauwgroene bladeren, en ander eetbaar fruit.

 

Uluru is een belangrijk trefpunt op de 'Droomsporen', de mythische en heilige paden die kriskras door het land lopen en de reizen van voorouders markeren toen die het weerbarstige Australische landschap vorm gaven.

 

Praktische tips

  • Hoe kom je er: vlieg naar Alice Springs en vlieg of rij rechtstreeks naar het vliegveld van Ayers Rock Resort.
  • Klimaat: uitgesproken continentaal, met hete zomers - tussen november en maart kan het wel 45 graden worden en verrassend koude winters; bij onbewolkte hemel kan het dan makkelijk gaan vriezen.
  • Beste reistijd: april—oktober.
  • Dichtstbijzijnde stad/-luchthaven: Ayers Rock Resort, 20 km van Uluru, is het servicecentrum van het park.
  • Activiteiten: maak een vlucht over Uluru; een nachtshow onder de blote hemel met legendes van Anangu (The Olgas); kijken hoe de rots van kleur verandert bij zonsop-en zonsondergang; rondleidingen van parkwachters; bezoek aan het Cultural Center.
  • Souvenirs: kunstvoorwerpen van aboriginals, schilderijen, batikstoffen (alleen bij speciale tentoonstellingen), en graveerwerk.
  • Extra meenemen: zonnescherm, hoeden, waterflessen, gemakkelijke kleding.

 

Locatie