In 1533 viel het Inca-rijk in handen van Spaanse conquistadores. Daarmee kwam een einde aan een hoog ontwikkelde beschaving. Sinds de herontdekking van tal van Inca-monumenten aan het begin van de 20ste eeuw oefenen de melancholiek stemmende resten van dit verloren rijk een grote aantrekkingskracht uit op bezoekers uit de hele wereld. Vanuit de oude Inca-hoofdstad Cuzco door de 'Heilige Vallei' van de Rio Urubamba naar de verwoeste Inca-stad Machu Picchu boven op een berg ontdek je dat de wereld van de Inca's in het hooggebergte nog lang niet is uitgestorven: het Quechua wordt nog door 10 miljoen mensen (de helft van de bevolking) gesproken, de campe-sinos (boeren uit de Andes) gaan gekleed in traditionele klederdracht en op katholieke heiligendagen wordt vaak in verhulde symbolen eer bewezen aan de oude goden.

 

In Ollantaytambo maken afstammelingen van de Inca's een groot deel van de plaatselijke bevolking uit

 « In Ollantaytambo maken afstammelingen van de Inca's een groot deel van de plaatselijke bevolking uit

Aanpassingsmoeilijkheden in Cuzco

Cuzco is een charmante, koloniale stad, op 3360 m hoogte, en wordt omgeven door met sneeuw bedekte bergen. Het is de oudste, voortdurend bewoonde stad van het Amerikaanse continent en werd gedeeltelijk verwoest toen de Inca's in 1536 in opstand kwamen tegen de Spanjaarden. Het verbluffend nauwkeurige metsel- en stapelwerk van de Inca's wordt ook in moderne bouwtechnieken gebruikt; talloze gebouwen — zoals de barokke kathedraal — rusten op de fundamenten van Inca-paleizen. Het brede en centrale Plaza de Armas vormde vroeger het ceremoniële centrum van de Inca-hoofdstad. Als je een brok Inca-stapelwerk wilt zien, hoef je waarschijnlijk alleen maar even onder de arcades een kop koffie of een maaltijd te gebruiken. Het ligt er voor het oprapen.

 

In Cuzco kun je kortademig, duizelig en misselijk zijn. Je hebt dan last van hoogteziekte. Het is verstandig een paar dagen hier te blijven om te acclimatiseren, alvorens naar nog grotere hoogten te trekken. Aan oude en sfeervolle hotels heerst er geen gebrek. Op de straatmarkt bij het station worden groenten en fruit verkocht, evenals stoffen van alpaca (lamawol), geverfd met natuurlijke kleurstoffen zoals cochenille. Je kunt er een plastic bekertje chicha kopen, een slap en troebel bier dat wordt gemaakt van (voorgekauwde) gegiste maïs, of een tas of wat cocabladeren om te kauwen.

 

Op een richel boven de stad liggen de resten van het Fort Sacsayhuaman. De stad van de Inca's was gepland in de vorm van een poema, en het fort vormde het hoofd van het dier. Ondanks de verwoestingen bij de opstand van 1536 zijn de zigzaggende granieten wallen, met hun karakteristieke trapeziumvormige poorten, nog steeds indrukwekkend.

 

Het spoor van de Inca's

Om hun immense rijk te kunnen beheersen — het strekte zich uit tot het huidige Ecuador en Chili —, legden de Inca's een uitgebreid netwerk van paden aan, met een totale lengte van meer dan 4000 km, over de hoogvlakte, door de valleien van het Amazone-gebied en door de kustwoestijnen. Vanwege de aanzienlijke hoogteverschillen kun je gerust vier dagen uittrekken om het pad van de Urubamba-vallei naar Machu Picchu (ruim 50 km) af te leggen. Er zijn overnachtingsfaciliteiten en schuilhutten langs de route, maar je moet wel je eigen eten meenemen. De tocht begint op een kleine hangbrug over een snelstromende rivier, te midden van dichte, subtropische vegetatie. Vervolgens klim je omhoog naar de kille hoogvlakte; in de diepte slingert de Rio Urubamba als en zilveren lint over de bodem van de vallei, terwijl de besneeuwde toppen van de Andes-bergen omhoogrijzen. Onderweg kom je door indiaanse dorpjes en verlaten Inca-steden, die daar waren gebouwd om de route te bewaken. Aanvankelijk is het pad niet meer dan een smerig spoor, maar op de derde dag, na het oversteken van een winderige bergpas (Abra de Runkaracay), verandert het in een smalle weg van nauw aansluitende Inca-stenen.

 

Op de grote markt van Cuzco, tegenover een Spaans-koloniale toegangspoort, verkopen indianen uit het omringende platteland kruiden en traditionele, met de hand gemaakte producten naast huishoudelijke artikelen

« Op de grote markt van Cuzco, tegenover een Spaans-koloniale toegangspoort, verkopen indianen uit het omringende platteland kruiden en traditionele, met de hand gemaakte producten naast huishoudelijke artikelen

 

Verderop ligt de dakenloze en overwoekerde stad Sayacmarca tegen een rots boven het pad gevlijd. Ze is alleen toegankelijk via een in de rotsen uitgekapte trap. Vlak in de buurt is een stenen aquaduct. Voorbij de volgende vallei zijn nog meer voorbeelden van de technisch kennis van de Inca's zichtbaar. Daar is een 8 m lange tunnel — breed genoeg voor zwaar beladen dieren — in de rotsen uitgehakt.

 

De 'verloren stad' 

Na de volgende pas heb je een adembenemend uitzicht op de Urubamba-vallei en de glinsterende gletsjers van de 5787 m hoge NevadaVerónica. Iets lager liggen de ruïnes van de Inca-stad Phuyupatamarca tegen de rotsen gedrukt, omgeven door bewerkte terrassen waar het voedsel voor de bewoners werd verbouwd. Een granieten trap daalt steil af naar de beboste flanken van de Urubamba-kloof in de richting van de volgende Inca-stad, Huinay Huayna (met vlakbij een kampeerterrein en een bezoekerscentrum). Hier vandaan voert een breed egaal pad door struikgewas en iele bossen naar een smalle stenen trap, die uitkomt in Intipunku. Aan de andere kant van de rechthoekige stenen doorgang verschijnt de 'verloren stad' Machu Picchu op een bergkam. De muren en met stro bedekte daken gaan dikwijls in mist gehuld, en je krijgt het gevoel alsof jij er de eerste ontdekker van bent.

 

Een alternatief voor de vierdaagse voettocht is een treinreis van Cuzco naar Las Ruinas, het station dat aan de voet van Machu Picchu ligt. Als je één station eerder uitstapt, waar het dorpje Aguas Calientes zich in de met wolken gevulde vallei tussen de boomrijke hellingen heeft genesteld, kun je een rustige nacht doorbrengen in een van de hotelletjes en luisteren naar het ruisen van de rivier en de vreemde dierengeluiden uit het nevelwoud. Ga dan de volgende ochtend vroeg op pad en loop anderhalve kilometer langs de steil aflopende vallei waardoor de Rio Urubamba zich een weg baant naar Machu Picchu.

 

Gehakt uit een heilige berg

Tegen de hellingen van de berg gedrukt verschijnt de ene rij verdedigingswallen, tuinen, paleizen en tempels na de andere. Fonteinen stromen uit over getrapte bassins. Muren van veelzijdige stenen, die zo nauw tegen elkaar aan zijn gelegd dat er geen ontleedmes tussen past, doemen plotseling op. Massieve, schuin aflopende stenen ingangen wijzen de weg naar brede plaza's overwoekerd met wuivend gras en papavers. Op het hoogste punt bevindt zich een altaar, met daarop een geheimzinnige vierkante zuil. Het altaar, de zuil en de trappen die ernaar toe leiden, zijn allemaal uitgehakt uit bergrotsen.

 

De vervallen Inca-stad Machu Picchu ligt tegen steile, in nevelen gehulde bergwanden gevlijd, hoog boven de Rio Urubamba

« De vervallen Inca-stad Machu Picchu ligt tegen steile, in nevelen gehulde bergwanden gevlijd, hoog boven de Rio Urubamba

 

Boven alles uitrijzend is een reusachtige granieten rots, Huayna Picchu. De oorspronkelijke Inca-trap voert door het met orchideeën en epifyten opgefleurde nevelwoud naar de top van de berg, waar kleurrijke vlinders om je hoofd dwarrelen. Vanaf de top heb je een overzichtelijke kijk op de locatie: de in wolken gehulde bergpieken, de lommerrijke valleien en de rivier helemaal beneden. Vooral 's ochtends vroeg en bij zonsondergang maken de ruïnes grote indruk, voor zover ze niet worden gerestaureerd.

 

Hiram Bingham, de Amerikaanse archeoloog die in 1911 de stad ontdekte, geloofde dat hij Vilcabamba had ontdekt, waar de Inca's in 1572 tot het laatst stand hadden weten te houden tegen de Spanjaarden. Maar Machu Picchu dateert van halverwege de 15 de eeuw, en de minder indrukwekkende ruïnes van de laatste hoofdstad van de Inca's werden later, 160 km verderop, ontdekt in Espfritu Pampa. Machu Picchu is waarschijnlijk een geestelijk centrum geweest dat al vóór de komst van de Spanjaarden verlaten was, misschien wel als gevolg van de burgeroorlog en een pokkenepidemie in 1527. Maar dat blijft speculeren. Het doel en lot van Machu Picchu gaan gehuld in mysteries.

 

Praktische tips

  • Munteenheid: inti; dollars zijn welkom.
  • Visa: voor alle nationaliteiten.
  • Gezondheid: inentingen tegen gele koorts, tyfus en polio worden sterk aangeraden. Drink uitsluitend gebotteld of gekookt water; vermijd het nuttigen van salades, ongekookte groentes en geschilde vruchten. Rust regelmatig uit en/of ga naar lagere gebieden als je de symptomen van hoogteziekte herkent.
  • Taal: Spaans is de officiële taal, maar Quechua wordt op tal van plaatsen gesproken. In de grote steden kun je met Engels redelijk terecht.
  • Klimaat: subtropisch, maar dat verandert drastisch naargelang de hoogte. Op grote hoogte kan het behoorlijk koud zijn. Tussen december en april valt er veel regen.
  • Beste reistijd: april-november.
  • Dichtstbijzijnde luchthaven: Cuzco.
  • Extra meenemen: lariam tegen malaria; insectenwerend middel, zonnebrand, zonnebril, zonnehoed, wandelschoenen, wind- en waterdichte warme kleding, verrekijker, zaklantaarn.
  • Eten en drinken: pisco is druivenbrandewijn en geldt als de nationale drank; aj en ajo (peper en knoflook) vormen de basis van de meeste gerechten, samen met rijst en ongeveer 2000 soorten inheemse aardappelen. Aji de gallina (kip in een pittige, gebonden saus) is heel populair.
  • Souvenirs: kunstnijverheidsartikelen, alpaca tapijten en dekens, keramiek en bewerkte kalbassen.

 

Locatie