De Provence is met zijn felle kleuren, aromatische geuren en dramatische landschappen een ware uitdaging voor de zintuigen: van de door de wind geteisterde vlakten in de Camargue, tot de woeste, kalkstenen kloof van de Gorges duVerdon aan de voeten van de Alpen.

 

Over de heuvels hangt de geur van de herbes de Provence, en het hoeft geen verbazing te wekken dat het centrum van de Franse parfumindustrie het steile Provencaalse stadje Grasse is. Onherbergzame heuvels en knoestige wijngaarden bieden beschutting aan middeleeuwse plaatsjes, waar oude mannen pétanque spelen en onder platanen aan hun pastis nippen. De Provence is een streek waar hedonisten zich bewust zijn van het onverzoenlijke karakter van de natuur. De rijke en fruitige Provencaalse wijnen zijn weliswaar geen partij voor de grands vins, evenmin als de streekgerechten — bouillabaisse, ratatouille, salade nicoise — tot de Franse haute cuisine worden gerekend, maar het is eerlijke kost, die smaakt naar de aarde en de zee.

 

Het reusachtige paleis dat de uit Rome verbannen pausen in de 14de eeuw lieten bouwen, rijst op bij de resterende bogen van de Pont Saint-Bénezet, de Pont d'Avignon uit het beroemde Franse chanson

« Het reusachtige paleis dat de uit Rome verbannen pausen in de 14de eeuw lieten bouwen, rijst op bij de resterende bogen van de Pont Saint-Bénezet, de Pont d'Avignon uit het beroemde Franse chanson

 

Verrassend genoeg heeft deze streek zijn bijzondere karakter weten te behouden. Natuurlijk genoot de Provence altijd al veel belangstelling — niet 't minst van schilders als Vincent van Gogh, Paul Cézanne, Henri Matisse en Pablo Picasso — maar ondanks boeken, films en televisieprogramma's is het de plaatselijke bevolking gelukt geen toeristische parodie van zichzelf te worden.

 

Het westelijke deel van de Provence bestaat uit de 140.000 ha grote Rhóne-delta van zoutpannen, moerassen, duinen en weilanden: de Camargue. Het is een mysterieus landschap onder zware luchten, onrustige wateren en buigend riet. 's Zomers bakt de zon de modder tot gebarsten, met zout aangekoekte vormen; 's winters bevangt je het gevoel dat je aan de rand van de wereld bent beland. Er komen roze flamingo's voor en witte paarden die bereden worden door gardians, de cowboys die de karakteristieke zwarte stieren fokken. De beste manier om de Camargue te ontdekken is te paard. Dat kun je regelen bij de Association du Tourisme in Saintes-Maries-de-la-Mer.

 

Klassieke en Middeleeuwse invloeden

Op het meest westelijke punt van de Camargue ligt het middeleeuwse stadje Aigues-Mortes binnen goed bewaard gebleven stadsmuren. Die zijn gebouwd door de Franse koning Lodewijk ix (Saint-Louis), die er zijn gedoemde kruistocht begon in 1248. Verder landinwaarts en naar het noorden liggen de steden Arles en Avignon, waar Middeleeuws-Europa aanleunt tegen het klassieke Rome.Ten tijde van de Romeinen was Arles een keizerlijke hoofdstad. Uit die periode stamt bijvoorbeeld het amfitheater, waar stierengevechten worden gehouden in een minder bloedige variant dan de Spaanse en de raseteur moet proberen een tussen de stierenhorens geplaatste kokarde weg te grissen. Klassieke gebouwen torenen uit boven middeleeuwse steegjes en ouderwetse cafés. Ten westen van de stad liggen de Alpilles, een kalksteengebergte waarvan de witte pieken scherp uitsteken boven de met eiken en pijnbomen bezaaide hellingen. Aan de noordelijke flank ligt Saint-Rémy-de-Provence, een ommuurd stadje met tal van terrassen en restaurants. In de buurt van Saint-Rémy verbleef Vincent van Gogh in een gesticht nadat hij zich een oor had afgesneden. Even buiten de stad liggen de resten van de Gallo-Romeinse stad Glanum. Bewaard gebleven zijn er een triomfboog, een mausoleum en een 18 m hoge cenotaaf, ter nagedachtenis aan de twee jonggestorven kleinzonen van keizer Augustus.

 

Een panoramische route over duizelingwekkende haarspeldbochten en langs de grootste natuurlijke canyon van Europa: de wilde en woeste Gorge du Verdon

« Een panoramische route over duizelingwekkende haarspeldbochten en langs de grootste natuurlijke canyon van Europa: de wilde en woeste Gorge du Verdon

 

In de 14de eeuw hielden de uit Rome verbannen pausen hof in Avignon. Ook nu nog heeft de stad een buitenproportionele uitstraling als gevolg van het grote aantal studenten dat hier studeert en een levendige kunst-scene. Elke zomer komen kunstenaars en bezoekers uit de hele wereld naar het internationale Festival d'Avignon (theater, muziek, dans). Van de middeleeuwse brug, vereeuwigd in het chanson Sur le pont d'Avignon, ony danse... tous en rond, zijn nog maar drie bogen. Het centrum van de stad, met tal van oude kerken en elegante 17de- en 18de-eeuwse huizen, wordt nog steeds omsloten door middeleeuwse muren en wordt gedomineerd door het gigantische gekan-teelde Palais des Papes.

 

In Les Baux, een dorp waaraan de benaming van bauxiet is ontleend, overheersen middeleeuwse sferen. Bauxiet verleent een flikkerende witte glans aan de steile rotsmassa waarop het dorpje, dat ommuurd is met middeleeuwse wallen, is gebouwd. Van 1000 tot 1400 zwaaiden hier de heren van Les Baux de scepter met een mengsel van grandeur en wreedheid: ze begunstigden troubadours die over de hoofse liefde zongen, en wierpen hun vijanden van de rotsen naar beneden. Het huidige dorp klampt zich vast aan de lagere hellingen van de rotsmassa, tussen de olijfgaarden en het strijkgewas. Het oude deel is verlaten.

 

Het moderne Orange, 25 km ten noorden van Avignon, verbergt een voornaam Romeins verleden, inclusief een triomfboog. Het Romeinse theater bestaat uit gebogen zitbanken die in een helling zijn uitgekapt, en een podium dat zich uitstrekt vóór een reusachtige zandstenen muur met het standbeeld van keizer Augustus in de middelste nis. De tand des tijds heeft weliswaar fors geknaagd aan dit theater, maar er worden nog regelmatig operavoorstellingen gegeven.

 

Het hart van de Provence

Het wezen van de Provence vind je in de Lubéron, een 55 km lange bergrug. Het plateau van de Petit Lubéron is gescheiden van de woestere en hogere Grand Lubéron — een buitengewoon schilderachtig Pare national — door een dicht beboste vallei, de Combe de Lourmarin. De noordelijke flank van de Lubéron is vochtig en bergachtig, terwijl de met wijngaarden overdekte zuidhellingen 300 dagen zon per jaar kennen al kan het er 's winters op grotere hoogten bar koud zijn. Hier kun je uitstekend wandelen en trekken, over rivieren kanoën, een gite (vakantiehuisje) huren en de sporen van kunstenaars volgen.

 

Lavendelvelden zijn in hoge mate bepalend voor de karakteristieke kleuren en geuren van de Provence.

« Lavendelvelden zijn in hoge mate bepalend voor de karakteristieke kleuren en geuren van de Provence.

 

Uit de rotsen rondom Roussillon, een dorpje boven op een berg in de noordelijke Lubéron, wordt oker gewonnen voor het maken van kunstverf. Alles is er rood — zand, steen, stucwerk, tegels — en wordt overheerst door een rode kerktoren met een roestige smeedijzeren klokkentoren. De uitzichten zijn er magnifiek, maar helaas is het stadje veel te populair geworden. Hier werd in 1839 Paul Cézanne geboren, wiens atelier er nog net zo bij ligt als op de dag dat hij stierf in 1906 — compleet met een wijnglas naast zijn schildersezel. De opmerkelijke kegel van de Montagne Sainte-Victoire, die Cézanne talloze malen schilderde, ligt 15 km ten oosten van Aix, tegenwoordig

 

Praktische tips

  • Klimaat: mediterraan; juli-augustus 28 graden; 's winters in binnenlanden sneeuw; overal kans op zware regenval.
  • Beste reistijd: oktober tot juli, om grootste drukte te vermijden.
  • Dichtstbijzijnde luchthaven: Marseille, Nice.
  • Souvenirs: parfum, wijn, santons (gekleurde gipsfiguren voor kerstkribbe), lavendel.
  • Vervoer: de grote steden zijn per spoor met elkaar verbonden, tussen kleinere plaatsen rijden bussen. Afgelegen plaatsen kun je het best per (huur)auto bezoeken. Houd rekening met de plaatselijke rijstijl: met 110 km/uur door de haarspeldbochten is hier heel gewoon.

 

Locatie