Booking.com

 

Cipressen en parasolbomen teken scherp af tegen een halfmatte blauwe lucht. Een vakantieboerderij staat kalm te zinderen onder haar rode dakpannen in de kom van een vallei; het zwembad glinstert lichtblauw. In de verte steken de torens van een miniatuur stadje uit boven wijn- en olijfgaarden. Het Toscaanse en Umbrische landschap, dat in duizenden jaren met geduld is geschapen in nauwe samenwerking van mens en natuur, is zo mooi datje gemakkelijk vergeet dat die charmante heuveltop of die steden in de dalen ooit bruisten als dynamische metropolen die aan de wieg stonden van een van de grootste keerpunten in de geschiedenis van de mensheid: de renaissance.

 

Een typisch idyllisch Toscaans landschap van zacht golvende heuvels met hier en daar een cipres in de Val d'Orcia in de buurt van Bagno Vignoni, ten zuiden van Siena

« Een typisch idyllisch Toscaans landschap van zacht golvende heuvels met hier en daar een cipres in de Val d'Orcia in de buurt van Bagno Vignoni, ten zuiden van Siena

 

Wie de volledige omvang van die revolutie tot zich wil laten doodringen, moet een bezoek brengen aan de Galleria degli Uffizi in Florence en moet Gentile da Fabriano's Aanbidding der koningen uit 1423 eens goed bestuderen en letten op de statige, stijve figuren, het vlakke perspectief en het ongeremde gebruik van bladgoud. Steek vervolgens de Arno over en ga naar de Santa Maria del Carmine voor het vier jaar later door Masaccio geschilderde fresco De verbanning uit het paradijs, met de aandoenlijke, verrassend modern ogende naakten van Adam en Eva. Dit was meer dan een nieuwe schildermode; het was een radicale verschuiving in de manier waarop wij naar de wereld en onszelf kijken. Geen wonder dat het 'wetenschappelijk perspectief', dat zo wezenlijk is voor de manier waarop wij nu in de wereld kijken, het werk is van twee Florentijnen: Leon Alberti (1404 - 1472) en Filippo Brunelleschi (1377—1446), of dat het een Florentijns filosoof was, Niccoló Machiavelli (1469—1527), die de principes van de Realpolitik met zo'n meedogenloze elegantie op papier zette in zijn boek Il principe. De moderne tijd begon met de Florentijnse renaissance.

 

Florence ligt aan de Arno, tussen de heuvels van Chianti in het zuiden en die van Fiesole in het noorden. De opkomst van de stad begon in 1115, toen ze een republiek werd. Ondanks felle interne conflicten werd ze na verloop van tijd de voornaamste stad in een groot deel van Toscane. In 1434 grepen de welgestelde Medici er de macht, al hulden zij hun autocratische opvattingen aanvankelijk in een mantel van republikeinse ideeën. Wat de Florentijnen aan politieke vrijheid verloren, wonnen ze echter aan stabiliteit — en kunst. De Medici waren buitengewoon verlichte bevorderaars van de kunsten — misschien wel de grootste aller tijden —, en het duurde niet lang of de stad kon zich op cultureel gebied het nieuwe Athene noemen. En terecht, want de Medici plaatsten opdrachten bij de meest vernieuwende kunstenaars en architecten van die tijd, onder wie Botticelli (1445-1510) en vooral Michelangelo (1475-1564), die ligt begraven in de Santa Croce.

 

Als je vanaf een heuvel uitkijkt over Florence — bijvoorbeeld in Fiesole met zijn schitterende villa's —, zie je de stad zoals Leonardo da Vinei, ook een Florentijn, haar 500 jaar geleden ongeveer moet hebben gezien. Het beeld wordt gedomineerd door de grote rode koepel die Brunelleschi in de 15de eeuw op de groenwitte marmeren gotische duomo (kathedraal) plaatste.

 

Het hart van de macht

Florence is een compacte stad en alle bezienswaardigheden liggen op loopafstand van elkaar. Gelukkig zijn tegenwoordig auto's verbannen uit de smalle middeleeuwse straatjes en het centrum. Daarbinnen ligt waarschijnlijk de grootste concentratie meesterwerken ter wereld. Vanaf de Duomo in zuidelijke richting ben je zo op de Piazza della Signoria, een plein dat aan één zijde wordt begrensd door de gotische arcades van de Loggia dei Lanzi met daarin de Perseus van Benvenuto Cellini (1500—1571), en aan de andere kant door het Palazzo Vecchio, een middeleeuws fort van bruine steen met een 91 m hoge toren. Vóór het Palazzo Vecchio staat een kopie van Michelangelo's David (het origineel werd verplaatst naar de Accademia vanwege de luchtvervuiling). De aangrenzende Uffizi zijn volgestouwd met meesterwerken, zoals Botticelli's De geboorte van Venus, die zo beroemd zijn dat het lijkt alsof het beelden uit ons eigen onderbewuste zijn. In het hoogseizoen zijn de Uffizi afgeladen vol en moetje toegangskaarten vooraf reserveren.

 

Een overdekte promenade voert van de Uffizi over de Ponte Vecchio, de 14de-eeuwse brug met galeries en winkeltjes. Dante, ook een Florentijn, zou op deze brug een glimp hebben opgevangen van zijn beminde Beatrice — se non è vero, è ben trovato. Wanneer je bij zonsondergang op de brug staat, scheren de vleermuizen vlak boven het water van de Arno, die langs de paleizen en onder de renaissancebogen van de Ponte Santa Trinita — gebombardeerd in de Tweede Wereldoorlog maar met liefde gerestaureerd — stroomt. Vergeet verder niet een bezoek te brengen aan Michelangelo's beelden bij de graven van de Medici in de Sacrestia Nuova bij de San Lorenzo. Deze bijna naakte, liggende figuren stellen Dageraad, Schemering, Dag en Nacht voor en lijken te tragisch en edel om een paar tweederangs Medici-prinsjes te gedenken.

 

Na zoveel hoge kunst wordt het tijd om een van de overheerlijke pizza's te proberen. Florentijnen zijn trots op hun keuken:Toscaanse olijfolie, groenzwart van kleur en naar men zegt de beste ter wereld, verse kruiden en groenten verlenen de streekgerechten die aparte smaak. De beste plaatselijke hammen zijn afkomstig vanToscaans wild zwijn; pecorino, romige schapenkaas, is nog zoiets heerlijks.Tegenover een lichte rode chianti staat een zware Vino Nobile di Montepulciano.

 

De heuvels van Toscane en Umbrië zijn bezaaid met versterkte steden. In San Miniato rijst de toren van Rocca boven alles uit.

« De heuvels van Toscane en Umbrië zijn bezaaid met versterkte steden. In San Miniato rijst de toren van Rocca boven alles uit.

 

De grote rivaal van Florence is Siena, 55 km zuidelijker, dat een verrassend goed bewaard en verkeersvrij centrum heeft. In Siena heeft het leven van alledag nog iets middeleeuws, want de stad is verdeeld in 17 contrade (stadswijken). Elk aspect van het burgerlijke en sociale leven — geboorte, huwelijk, werk, dood — speelt zich af binnen iemands contrada. De onderlinge rivaliteit is enorm en komt tweemaal per jaar tot uitbarsting tijdens de palio, een paardenrace op 2 juli en 16 augustus op de Campo. Dit centrale, met kinderkopjes bestrate ovale plein, dat begrensd wordt door eerbiedwaardige bakstenen gebouwen, wordt gedomineerd door het 14de-eeuwse gotische Palazzo Pubblico (stadhuis) met zijn 100 m hoge toren. Vanaf il Campo lopen de smalle straten straalsgewijs. In de 14de eeuw had de stad plannen de duomo, die als Engelse drop, zo lijkt het, gestreept is in wit en donkergroen marmer, te vergroten door er een nieuw schip aan te bouwen. Maar voor het zo ver was, waren de kansen voor Siena gekeerd, en de onvoltooide arcades staan nu in de openlucht als het skelet van een gestrande walvis.

 

Steden op Umbrische heuvels

Hoewel er een stoptrein rijdt tussen Florence en Siena, kun je het landschap beter per auto verkennen.Tussen de olijfgaarden ten westen van Siena duiken de middeleeuwse torens van San Gimignano op. In het oosten ligt Umbrië, een plattelandsstreek die minstens zo mooi is als Toscane. In het zuidwesten bevindt zich Assisi, de geboorteplaats van Sint-Franciscus en onlangs zwaar getroffen door een aardbeving.

 

In het oosten wordt het landschap bergachtiger. Door zware sneeuwval zijn de bergdorpen 's winters dikwijls onbereikbaar, terwijl zware regenval in het voor- en najaar de toeristen weghoudt. Het stadje Gubbio klampt zich even koppig aan de door wind geteisterde rotsen vast als dat het al eeuwenlang aan zijn vrijheid vasthoudt. Tussen de sombere palazzi lopen smalle straatjes steil omhoog naar het centrale plein en het 14de-eeuwse gekanteelde stadhuis boven een duizelingwekkende afgrond. Ruim 40 km ten noorden van Gubbio ligt Urbino boven op een heuvel. Boven een aantal schitterende renaissancekerken doemen de twee torens op van het Palazzo Ducale, de zetel van de Montefeltro-dynastie, een onaangetast meesterwerk uit de vroege renaissance. Hier groeide de schilder Rafaël (1483—1520) op, en hier bloeide een van de schitterendste 15de-eeuwse renaissancehoven. Urbino heeft veel van zijn 16de-eeuwse karakater weten te behouden. Omstreeks 1476 schilderde Piero della Francescahet dubbelportret van hertog Federigo da Montefeltro en diens gemalin Battista Sforza. De geharde en schrandere politicus en zijn hertogin kijken elkaar aan door de omlijsting van het schilderij heen; op de achtergrond strekken de heuvels en vlakten zich subtiel tot aan de horizon uit.

 

Praktische tips

  • Bevolking: Toscane: 3,5 miljoen; Florence: 383.000; Umbrië 820.000; Perugia 150.000 inwoners.
  • Munteenheid: euro.
  • Klimaat: de zomers zijn erg warm, de winters kunnen koud zijn (hoe hoger hoe kouder). In mei-juni kan het wel eens dagen achtereen regenen.
  • Beste reistijd: februari- april en september-oktober; de musea in cultuursteden als Florence en Siena kun je eigenlijk alleen maar bezoeken in november en februari.
  • Dichtstbijzijnde luchthaven: Pisa, Bologna.
  • Eten en drinken: honger hoef je in Toscane niet te lijden, en lekkerbekken zullen er zeker terugkeren. De beste olijfolie is de olio extra virgine d'oliva. De smakelijkste biefstuk is een bistecca al la Fiorentina (een op houtskool geroosterde T-bone) en de mooiste Toscaanse wijnen zijn Brunello di Montalcino en de Vino Nobile di Montepulciano.
  • Souvenirs: dure mode uit Florence, lederwaren, schoenen, olijfolie en wijn.

 

Booking.com